Nu de heipalen staan, en de paalkoppen zijn gesneld, zijn de bouwlocaties nog niet bouwrijp. Daarvoor moet de fundering nog worden uitgegraven en op hoogte gebracht.
Daarom hadden we afgelopen dagen nog twee dagen een rupskraan met machinist van loonbedrijf Bertil Hut gevraagd. Jair heeft een eigen kraan, waarvan de graafbak nog twee extra bewegingsmogelijkheden heeft.
Dat geeft de mogelijkheid om vanuit alle hoeken zo'n sleuf voor de fundering aan te snijden. Super handig! Maar je moet zo'n apparaat natuurlijk wel leren bedienen.

 

Ik heb een kleine Shovel gehuurd bij Gertjan Bon, en kan daarmee de grond die uit de bouwlocaties komt, verder brengen naar de aardwal die straks tegen de grote woning aan komt. Want daar moeten we nog veel meer grond hebben om de hele aardwal straks op dakhoogte van het huis te brengen. Het is spannend om op zo'n machine te zitten, en je moet eerst van alles uitproberen voordat het een beetje soepel loopt. Gelukkig kreeg ik ook nog een paar tips van Jair. Houd je lading zo laag mogelijk, dan is de machine stabieler. En rijd niet met klei aan je wielen over het pad, want dan komt er straks teveel klei in het granulaat, en dan hecht het niet goed aan elkaar.

Nadat de sleuven voor de funderingsbalken was uitgegraven moest er overal nog zo'n 5 centimeter zand worden opgebracht. Dat moest precies op hoogte in de funderingsbalk, dus het was een mooi klusje voor mij om met een simpele tuinhark het zand uit te harken. Met de laser-meting konden we vervolgens overal het zand zo precies mogelijk op hoogte brengen. Dat is best aardig gelukt. Als we begin augustus de fundering gaan zetten, zal er best nog wat zand heen en weer geharkt moeten worden om alles gelijk te krijgen.
Bij de kleine woning hebben we nog een kleine complicatie. Bij het uitgraven van de fundering kwam er op ongeveer 75 centimeter onder maaiveld al water omhoog. Dat verandert het ingestrooide zand al gauw in een nat papje. Zeg maar drijfzand. Ik dacht dat ik het water wel kon laten weglopen door een gat te boren met een grondboor. Maar na 30 centimeter klei krijg ik een meter lang niets meer omhoog. Daar zit dus een zeer natte en slappe laag veen, waarop de bovenste kleilaag als het ware drijft. Dat verklaart ook, dat de baak met het bouwpeil niet meer op goede hoogte stond. Toen de heimachine er stond heeft die de grond gewoon een stuk ingedrukt. Ik begrijp nu wel dat heien met lange palen nodig is in Almere. Als we straks de fundering gaan zetten moeten we daar nog een oplossing vinden voor dat water. Misschien is het dan wel zo droog dat het geen probleem is. Anders moet er wellicht een pomp aan te pas komen.

We hebben de aanwezigheid van de kraan ook benut om de weg en de oprit te verbeteren en het toekomstige terras rondom de grote woning te verharden met puingranulaat. Daarvoor kwamen er eerst twee kiepwagens met 22 kuub. De zoon van buurman Henk was ook ingeschakeld om de vrachten te brengen. Maar dat leek ons wat weinig, dus hebben we vrijdag nog een extra wagen besteld. Dan komt er toch weer 34 kuub ofwel rond de 50 ton op je kavel terecht, nog afgezien van de 21 kuub zand. Het gaat allemaal met hoeveelheden waarin ik niet gewend ben te denken! Bertil Hut had ook een trilplaat meegenomen, waarmee Marie-José en ik af en aan zijn gereden over de weg en de oprit. We hadden oorkappen vergeten, en de muziekoortjes hielpen niet genoeg. Dus moesten we nog even naar de Bouwmaat om gehoorbescherming te regelen, want zo'n trilplaat is niet bepaald geruisloos. Eigenlijk is het gewoon een massa van zo'n 400 kilo die heen en weer geschud wordt en daarmee zo'n 5 ton slagkracht op de weg uitoefend. Het is daarmee al een wonder dat je zo'n ding met de hand kan draaien. Wel stoer, Marie-José!

 

 

 

's Avonds ligt het er toch mooi bij. En vredig zonder al die lawaaige machines.

Nu de heipalen erin zitten, moet de grond bouwrijp gemaakt worden. Dat wil zeggen, dat de vloer en de fundering dieper liggen dan het maaiveld, en dus moeten worden uitgegraven. Dat doen we in twee stappen.
Eerst graaft de machinist van een 13-tons graver de grond af tot het niveau van de vloer, Daar moet dan nog 5 centimeter zand op, 10 cm isolatie, en dan de betonnen vloer, en tenslotte de gietvloer om tot het vloerniveau in de uiteindelijke woning te komen.
Daarvoor moet in de grote woning toch ruim 35 centimeter worden afgegraven. Dat klinkt misschien als een beetje, maar op ruim 170 vierkante meter levert dat zo'n 60 kuub klei op.
Dat vloerniveau is nog niet genoeg om de palen vrij te maken voor de fundering. Die fundering komt uiteraard onder de vloer, en de palen moeten tot 2 centimeter boven de onderkant van de fundering worden afgeknepen.

 

 

 

 


 

 

 

 

Rondom de palen worden gaten gemaakt, zodat ze gesneld (=afgeknepen) kunnen worden.


Dat afknijpen doet de Heier Van Dieren met een soort koppensneller, die hangt aan een rupskraan. Die wordt hydraulisch bestuurd, zodat er vier vervaarlijke tanden in de heipaal worden gezet, die per 5 of 10 centimeter de kop afknabbelt. Dat beton moet vergruisd worden, omdat zo de bewapening van de paal vrijkomt.

Als de paal tot het afgestreepte niveau is afgeknepen, dan geeft de kraan een enorme ruk aan het restant paalkop, zodat die met flink geraas van de bewapening wordt gerukt. De restanten worden dan door een medewerker met een schep of met een hamer weggewerkt. In zo'n paal zitten eigenlijk twee soorten bewapening. In de lengte zitten in elkaar gedraaide staaldraden. Daar omheen zit als een spiraal een massief stalen draad. Die wordt weggeknipt, zodat de vertikale draden overblijven. Die kunnen later met de wapening van de fundering worden verbonden.

Van dit laatste hebben we ook een filmpje gemaakt:

 

 De heimachine stond al wel midden in de grote woning, maar de mast was niet lang genoeg voor de lange palen. Dus moest er eerst een verlengstuk worden tussengevoegd. Dat is met zo'n apparaat wel een virtuoos staaltje, zowel qua techniek als qua menselijke inzet.

Toen dat geregeld was lagen de heipalen nog 40 meter verderop. Die werden met twee tegelijk aan een lier over de grond naar de woning getrokken. Daarna wordt een paal met een kabel op ongeveer eenderde van de lengte vastgeklemd, en voorzichtig omhoog gehesen. Je ziet zo'n paal dan even beangstigend doorbuigen, maar buigen is nog niet barsten.

Het op z'n plek zetten van de paal is een spannende klus:

 

 

Als je met het heien begint, moet je dat doorgeven aan de gemeente. Er kwam bij het slaan van de eerste paal ook een ambtenaar van bouw- en woningtoezicht kijken. Daarbij heb ik ook een nieuw woord geleerd: kalenderen. Dat blijkt een manier te zijn om bij te houden hoe snel een paal in de grond zakt bij het heien. Er worden streepjes gezet en er wordt geteld hoeveel slagen er nodig zijn om de paal een streepje te laten zakken. Dat is een maat voor de weerstand die zo'n paal in de grond tegenkomt. Welnu, die weerstand stelt de eerste vijf meter niet zoveel voor. Eigenlijk zakt de paal op zijn eigen gewicht en de drie ton van het heiblok zo'n vijf meter, voordat er een slag heeft geklonken. Dan komt de heipaal het eerste zandlaagje tegen, maar dat is te dun om een woning te dragen. Dus dat wordt doormeppen tot dat die hele vijftien meter onder de grond is verdwenen.

 

Zo'n heipaal is dus van gewapend beton, en het heiblok is van metaal. Om te voorkomen dat het heiblok het beton afbreekt, wordt er een blok hout tussen het heiblok en de paal gelegd. Dat mag dus alle klappen opvangen en overbrengen op de paal. Ik ben blij dat het mijn vinger niet is. Niet alleen wordt dat blok hout samengeperst. Bij dat samenpersen komt zoveel energie vrij, dat het hout heel heet wordt, en spontaan (nou, spontaan?) begint te roken en te blakeren. Eens in de twee palen is het houtblok aan flarden en moet er een nieuw bok hout in. Het heiblok komt dan met een dikke rookpluim van de heipaal af, en het ruikt naar een goed kampvuur.

 

 

 

 Een video van het heien van één van de palen van het grote huis:

 

Het was al bijna drie uur voordat het heien in de grote woning klaar was. Omdat de medewerkers van Van Dieren vanochtend al zo vroeg begonnen waren was het de vraag of de vier palen in de kleine woning nog zouden lukken. Maar ze wilden blijkbaar de klus klaren, dus werd de hele kraan verplaatst naar de kleine woning.

Er moest nog een ander heiblok gemonteerd worden omdat de palen dunner waren.

Wij vinden ons kleine huis knus, een soort Landal vakantiehuisje. Maar als er zo'n kraan door je huisje rijdt, dan voelt dat wel een beetje als huisvredebreuk.

 

 

 

Hieronder kan je goed zien hoe de heibaas een paal recht draait met een zeer stevige vork.

De heier durfde het aan om deze laatste vier palen te slaan zonder rijplaten te plaatsen, en daardoor was alles wel rond kwart voor vier geheid, en is de kraan met veel gekrakeel uit de kleine woning gereden. Diepe voren zijn in de oprit getrokken, maar dat hoort erbij. Nadat de rijplaten zijn opgehaald, rijdt de kraan van de oprit, om de volgende ochtend weer de dieplader op te laden. 

Fantastisch dat het heien gebeurd is. En toch een beetje een opluchting dat die grote apparaten weer van het land zijn. Het heeft twee boompjes het leven gekost. Maar dat is collateral damage.

 Het heien gaat beginnen. Maar dat gaat zo maar niet. Dat begint met het bezorgen van de heipalen. Die zijn 15 meter lang. Dat betekent dat de vrachtauto dus nog langer is dan 15 meter. Omdat die heipalen zo kunnen verschillen van lengte, gebruiken ze hiervoor een vrachtwagen waarvan ze het laadvlak kunnen verlengen. Een soort uitschuifauto dus. Als je daarmee wilt sturen dan heb je al gauw een enorme draaicirkel. Daarom kunnen bij die vrachtauto's de achterwielen afzonderlijk van de voorwielen gestuurd worden.
Zo'n apparaat stond dus dinsdagmiddag bij ons aan de afslag. Met 19 palen van 1100 tot 1700 kilo schoon aan de haak. De chauffeur keek wat zorgelijk naar onze kavelweg en de oprit, en zei toen tot mijn verbazing dat hij wel ging proberen de bocht te draaien onze oprit op. Uiteindelijk moest ik een wilg uitspitten op de hoek van onze parkeerplaats, en toen stond de wagen ineens naast de kleine woning!
De heipalen worden afgeladen met een kraan, die de heipalen op twee punten steunt. Het is merkwaardig om te zien dat die betonnen heipalen gewoon doorbuigen als ze worden opgepakt. De chauffeur wilde proberen om de heipalen voor de grote woning achterop de oprit af te laden, maar nadat de achterwielen even naast de oprit terechtkwamen, zakten ze meteen 30 centimeter in de klei. Gelukkig kon de wagen nog weer vooruit, en dus werden alle heipalen naast het kleine huis uitgeladen.



 

 

 

De heier Van Dieren zou de kraan woensdag brengen, om met heien te beginnen. Marie-José had een vrije dag genomen, en Roy was meegekomen om het spektakel te aanschouwen. Maar uiteindelijk kwam de kraan pas om drie uur 's middags, en moesten we nog een dagje langer wachten op het resultaat.

 


 

De kraan kwam op een reusachtige oplegger. De kraan zelf weegt zo'n 35 ton, dus met oplegger erbij kunnen we dit toch wel een gewichtig record noemen voor de Frederik van Eedenweg.

Ook deze vrachtwagen kon met afzonderlijk bestuurbare achterwielen de afslag naar de Frederik van Eedenweg opdraaien. De chauffeur reed zo ver achteruit, totdat de kraan recht tegenover de oprit stond. Deze kraan heeft rupsbanden van ieder 90 cm  breed en de totale breedte is meer dan drie meter. Breder dus dan onze oprit. Zo'n kraan draait door één rups stil te zetten en met de andere door te draaien. Zo draaide de kraan 90 graden op de oplader, zodat hij via een klein afrijblok zelfstandig van de oplader kon rijden. Dat klinkt eenvoudig, maar zo'n kraan heeft een mast van bijna 20 meter, die recht omhoog moet staan, omdat hij anders uit balans raakt.
Eenmaal op de oprit moest er nog een grote metalen kist worden meegehesen. Ook werd in de hei-machine een blok gemonteerd die past bij de afmetingen van onze heipalen (de grote heipalen zijn 22 cm breed). Toen ging het hele gevaarte over (of liever gezegd, door) de oprit naar de grote woning. Om te bekijken of de kraan op de grond kan staan, reed hij van de oprit naar het midden van de grote woning. Toen keek hij wat zorgelijk, omdat de kraan flinke sporen maakte. Daarom heeft de heier besloten om rijplaten neer te leggen. Die kwamen pas donderdagochtend. Dat zijn niet zomaar van die plaatstalen rijplaten, maar enorme dikke platen van meer dan tien centimeter. Die verdelen de druk zodanig dat de kraan goed kon blijven staan.
En dan moet het heien nog beginnen.

Eigenlijk zou de eerste paal gisteren worden geslagen, maar je moet dat natuurlijk niet op de 13e doen. Dus vandaag volop herrie op de Paradijsvogelweg!

Mooi om nu te starten na veel graven en zaaien!

De organisatie van Oosterwold laat regelmatig dronevluchten uitvoeren om de vorderingen te zien van de ontwikkelingen in Oosterwold. Deze week is het tweede filmpje beschikbaar gekomen..

Onze kavel is de laatste die zichtbaar is.

Voor het hele filmpje: 

Vanaf 1:33 min. zie je onze kavel!

 

En als vergelijking: vorige keer (april) zag het er zo uit:

 

Gisteren en vandaag hebben we met aannemer Gerard van Wees de woningen uitgezet. Dat voelt toch als dat de bouw echt gaat beginnen!

Dat wil zeggen het uitmeten van de afmetingen en hoekpunten van de beide woningen, en vervolgens de afmetingen van de funderingsbalken, en tenslotte de positie van de heipalen die onder de funderingsbalk moeten komen. We hebben de metingen op ambachtelijke manier gedaan. Eerst paaltjes om de hoekpunten van de woning. Vervolgens hebben we de peilhoogte die door de gemeente was aangegeven overgenomen door horizontale latten op de paaltjes te schroeven met bovenkant = vloerpeil.

Ik mocht als bouwknecht Gerard helpen. Dat is niet alleen leuk omdat ik daarmee het inmeten van de woning direct meemaak. Maar het inmeten moet je ook echt met z'n tweeën doen. Het Peil overnemen, en met meetlint uitmeten gaat niet in je eentje.

De gemeente heeft met de grondoverdracht paaltjes gezet. Die klopten min of meer. Maar daarop kan je niet vertrouwen als je exact wilt bouwen. Bijvoorbeeld om te zorgen dat het gebouw echt rechthoekig is en geen parallellogram. Daarom hebben we de woning eerst uitgezet met metselkoord. Door de diagonaal in twee richtingen te meten, weet je of de woning rechthoekig is, als die beide diagonalen precies even lang zijn. In beide woningen moesten we daarvoor een paar centimeter schuiven totdat we aan die eis voldeden.

Nu staan de rood geschilderde paaltjes klaar om de heipalen te ontvangen. We kunnen haast niet wachten! Dat hebben we al genoeg gedaan.

Nu de afgelopen weken het regenwater overvloedig over de akkers van Flevoland stroomt, lijkt het groen op de akker te exploderen. Op een nieuwe kavel zoals in Oosterwold profiteren zaden die al in de grond zaten of die zijn komen aanwaaien.

Wij proberen met licht dwingende hand wat sturing te geven aan de beplanting van onze kavel. Dat betekent dat we sommige planten leuker vinden dan anderen. Daarom hebben we uiteraard meer dan 2000 boompjes en struiken geplant, en kilo's zaad gestrooid. Maar al die gewenste plantenkinderen moeten de concurrentie aangaan met andere planten die er uit zichzelf gekomen zijn. En die vooral met dit groeizame weer enorm in aantal en grootte toenemen. Daarom hebben we de afgelopen weken menig uurtje besteed aan onkruid wieden, om dat beladen woord maar te gebruiken. Want wat is onkruid? Welnu, verwacht van mij geen sluitende definitie, maar wel een praktische: als een plantensoort zo in aantal en grootte toeneemt, dat je je boompje of pas gezaaide plantjes niet meer terug vindt, dan noem je die overwoekeraar dus onkruid. Langzaamaan herken ik de meeste soorten wel. En ondanks dat het onkruid wieden soms iets van een gevecht heeft, waardeer ik toch ook de enorme groeikracht en de levenskracht die uit die planten blijkt. Zie hieronder wat plaatjes van onkruiden.

Allereerst de Melde, die verdient eerste vermelding omdat het wellicht de meest voorkomende plant is in de tuin. Op de voet gevolgd door Muur en Perzikkruid. Muur is een typische opportunist, die klein begint, en zolang het droog is een zieltogend bestaan leidt. Gaat het regenen, dan knalt een klein bosje in een nacht uiteen tot een weelderige bos sappige steeltjes en bladeren, die voor het gevoel bijna helemaal uit water bestaan.

Dat Perzikkruid is zo succesvol op de klei, dat het plantje dat normaal een paar decimeter wordt, hier tot bijna een meter kan uitgroeien. Ook zijn er tal van varianten in omloop, met roze en witte bloem-aartjes, langwerpige en meer elipsvormige blaadjes, en met donkere vlek op de bladen of juist helemaal licht groen.  

 

Een andere kandidaat voor de titel meest voorkomende onkruid is het varkensgras. Dat groeit aanvankelijk als kruipende takjes over de grond, maar als het gaat bloeien en als de pollen groter worden, dan richt het zich op en gaat het met onogelijke bloempjes bloeien. Je hebt er wel een loep bij nodig. En wat vervelend is (voor ons) is dat de wortels van het varkensgras zo stevig vastzitten in de grond, dat je je handen bijna bezeert als je het probeert uit te trekken, als dan niet de plant afbreekt en de wortel een tweede leven gaat beginnen.

 

Een van de eerste bloempjes sinds het voorjaar is de Ereprijs. Die houdt het vervolgens het hele seizoen vol. Maar het is relatief een bescheiden plantje dat niet echt woekert, en als je er aandacht voor hebt, nog best leuke bloempjes heeft.

 

 

 

 

 

De Bastaardwederik is een tamelijk onopvallend plantje, met roze bloempjes, als je dicht genoeg bij bent. Er zijn een drietal soorten die best op elkaar lijken: de bleke, de beklierde en de viltige Bastaardwederik. Ik durf niet eens te zeggen welke van de drie deze exemplaren zijn.

 

De Bijvoet komt eigenlijk nu pas in de tweede helft van juni opzetten. Hier nog een bescheiden plantje, maar hij is aardig op weg naar een meter hoogte. Niet leuk voor de bijvoet, maar wel leuk voor ons, is dat ik deze week honderden rupsen in de Bijvoet vond, die zich inspinnen, en de blaadjes bij elkaar trekken en zo beschut en wel de halve plant kunnen leegeten. Met wat zoeken op internet kwam ik op het fantastische rupsenzoeksysteem van vlindernet.nl terecht. Het zou het wel eens de rups van de Atalantavlinder kunnen zijn, dus hopelijk vliegt die komende maanden overvloedig rond.

 

Een bijzondere verschijning is de Blaartrekkende Boterbloem. Die ziet er een beetje uit alsof de bloemblaadjes al zijn uitgevallen voordat hij goed en wel is opgegroeid. En als hij eenmaal begint met bloeien komt er een wijd vertakte tros met groene bolletjes naar boven groeien. Gelukkig heb ik van dat blaartrekken niet zoveel gemerkt. Maar ik heb ook niet geprobeerd hem op te eten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En tsja, deze kan ik niet echt mijn favoriet noemen. De Akkerdistel. Het lijkt alsof hij alleen stekels heeft, maar de Akkerdistel heeft net als de Brandnetel wel degelijk ook netelgif.  Niet zo aggressief als de Brandnetel, maar voldoende om gemeen te steken. Zelfs door handschoenen heen. Het valt nog mee maar in de strook langs de bosrand heb ik toch wel meer dan duizend distels uitgetrokken. Als je de distels eerst met je voet plat wrijft, dan prikken ze minder. Als je ze dan zo diep mogelijk bij de steel pakt en langzaam trekt, dan komt er vaak een groot stuk van de penwortel mee. Hoewel je geprikt wordt, geeft het toch wel voldoening als je zo'n penwortel van 20 centimeter hebt buitgemaakt. Die komt niet meer terug denk je dan. En dan draai je je om en zie je er nog honderd... Maar wat de distels betreft ken ik geen pardon. Ik hoop dat ik ze de baas kan als ik ze dit seizoen rigoreus weghaal, en in ieder geval voorkom dat ze in het zaad schieten.

Ik heb overigens geen plaatje van de brandnetel. Die zijn er wel, maar hoofdzakelijk langs de bosrand en langs de Paradijsvogelweg in het gras. En daar maai ik ze zoveel mogelijk weg met de zeis, om te voorkomen dat ze overspringen naar onze kavel. En ook om de paden langs de bosrand en het paardenpad langs de Paradijsvogelweg toegankelijk te houden.

 

 

 

 

Net als de Erepreis is het Herderstasje een relatief bescheiden plant, hoewel die toch massaal voorkomt op de akker. Tegen de tijd dat de plant in het zaad staat, kan hij toch wel een ruime halve meter hoog worden.

 

 

 

Een andere kandidaat voor onkruidbestrijding is ongetwijfeld het Klein Kruiskruid. Het is een slordig plantje dat met wat onooglijke korfjes bloeit, en dan snel zaadpluizen maakt die je hele land kunnen bezaaien. Hoe eerder deze uit de kavel is hoe beter.

En nu komen we op een groep planten die ik soms moeilijk uit elkaar houd. Dat zijn de kruisbloemigen Herik, Raapzaad en Koolzaad. De Koolzaad heeft iets meer blauwgrijs blad, dus de knop op de foto maakt een kans Koolzaad te zijn. Herik is meer grasgroen. Ze bloeien allemaal weelderig, en zijn dan een feest om te zien. Wel kunnen ze daarmee andere planten overgroeien. Wanneer ze dan in het zaad schieten wordt het ook tijd ze weg te roeien. Misschien om het zaad later langs de kavelgrens weer een tweede kans te geven.

 

 

 

 

 

De Kamille is een typische pioniersplant, die houdt van braakliggende grond. Met draaddunne blaadjes komt hij uit de grond. Maar als de plant eenmaal zijn kans heeft schoongezien, kan die wel een meter hoog worden en duizenden bloemen dragen. Met de geweldige geur die we van Kamille kennen. Was alle onkruid maar zo!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een volgende plant die vanwege zijn overweldigende aanwezigheid een kleine fotoserie mag krijgen is de Melkdistel. Er zijn wellicht een paar verschillende ondersoorten te vinden op onze kavel, zoals de geoorde melkdistel. Wat ze gemeen hebben is een ongelofelijke groeikracht, waarmee ze van een bescheiden rozetje in een paar dagen kunnen uitgroeien tot een imponerende kaars tot bijna twee meter. Die kans geef ik ze zelden en zeker niet om in het zaad te schieten, want dan ben ik volgend seizoen nog bezig, maar een paar mogen er wel bloeien, want zo'n stralende gele bloem is wel heel mooi.

 

 

 

 

 

 

 

Eigenlijk wel bijzonder dat de gewone Paardenbloem zo weinig te vinden is op onze kavel. Mag wel wat meer, want hij doet het goed in grasland. Komt vanzelf.

Wel ruimschoots vertegenwoordigd is de kleine roze dovenetel.

 

 

 

Ook de Smalbladige en Breedbladige Weegbree zijn te vinden. Het zijn natuurlijk algemeen voorkomende planten en niks bijzonders. Toch heb ik er wel een zwak voor. De simpele bloei aartjes zijn sympathiek, en ze schijnen voor grazers voedzamer te zijn dan gras.

Deze Wolfsmelk is eigenlijk een introducé want de enige exemplaren die nu op onze kavel staan hebben we zelf als verstekeling bij andere planten meegenomen. Sommige Wolfsmelken zijn prachtig, maar deze stelt artistiek weinig voor en kan zich toch gemeen voortplanten, dus ik hou ze in de gaten.

Tenslotte een zuringsoort die nu flink aan het uitgroeien is. Toch heb ik deze soort nog niet goed kunnen thuisbrengen. Hij heeft iets van Waterzuring en van Krulzuring en van Moeraszuring en van Veldzuring, maar het is het allemaal niet niet. Dus als iemand een idee heeft? Ik houd mij aanbevolen.

Update: na overleg met Henk Nijenhuis lijkt het een kluwenzuring te zijn, en wel een ruim bemeten exemplaar.

En wat zullen we van deze gast zeggen: Nee dat is eigenlijk geen onkruid, maar een historische erfenis van de boer: Uien die vorig jaar de oogst ontsnapt zijn, die komen dit jaar eigenlijk alleen nog boven de grond om te bloeien. Ze komen dan als een soort knots naar boven, met vaak een verdikking halverwege de steel. Als ze niet uit zichzelf kapseisen, wat gemakkelijk gaat, dan produceren ze een indrukwekkende bolle bloemtros. Laat nog maar even staan dus.

 

Eindelijk, eindelijk regent het door! En het is warm, enorm warm. Groeizaam weer weten burgers buitenlui dan te vertellen. En dat is ook zo. Alles dat in de grond opgeborgen zit, omdat er ooit zaden zijn gevallen of omdat wij die zaden hebben gezaaid, knalt nu de grond uit. Waar eerst de vogelmuur, het perzikkruid en de melde de boventoon voerden komen ook andere kruiden (die de droogte gelukkig hebben afgewacht) de grond uit. Het werk op het land bestaat daarom vooral uit wieden op dit moment. Niet omdat de planten er niet mogen zijn, maar dit eerste jaar zijn er veel van de vaste planten nog niet groot genoeg om de concurrentie met de kruiden aan te gaan. We composteren de onkruiden die we weghalen terplaatse. De bedoeling is op termijn overal terplekke te mulchen, maar dit jaar als alle planten aan moeten slaan, maken we lokale composthopen. Met dit warme weer composteert het snel. (hopen van twee dagen ervoor verschrompelen onder je handen).

Dit leidt tot mooie plaatjes. Waar we bij de droogte bijna een bordje bij de sloot/moerasgebied moesten zetten is het nu heel duidelijk:

 

Omdat het afgelopen nacht zo hard regende, is het water met kleideeltjes ondoorzichtig geworden. Dat trekt weer weg als er weer rust in het water zit. Voorlopig is er volop opvangcapaciteit op de kavel weten we nu!

En na en dag hard werken zijn we klef en vies. Zouden we het durven? Zwemmen in.....

Oosterwold?

Woensdag kwamen Bart en Lars van de provincie langs om wederom een drone filmpje en foto's van Oosterwold te maken. Wij vinden dat heel leuk.

Twee maanden geleden zag het er nog zo uit:

 

De oude beelden zijn alweer 2 maanden oud en er is wel heel veel veranderd.

We zijn natuurlijk heel nieuwsgierig naar de luchtbeelden. Maar de foto's van de filmers zijn ook al leuk! Wij wachten geduldig af.

  
                                

Gisteren waren we vol goede moed aan het onkruid wieden toen mijn oog viel op een rare kuil in de grond. Hier stond toch een Hibiscus boompje? Langzaam drong tot mij door dat dit boompje uit de grond is getrokken en meegenomen. Ik heb nog even op de kavel gezocht. Als een baldadige puber rotzooi gaat trappen laat hij de zooi doorgaans achter. Maar nee.
Wij hadden een paar boompjes en struiken gekocht in de uitverkoop bij Intratuin. Geen grote bedragen. Maar voor deze hibiscus op stam hadden we een mooi plekje bedacht centraal naast de kruidencirkel. Toen Marie-José 's avonds aankwam en ik het onthutsende feit liet zien, wees zij meteen op de fruitbomencirkel. Daar was ook een boom verdwenen! En ja hoor, gewoon een gat in de grond. Een perzikboompje die we in het maart hadden geplant,is er gewoon uitgehaald.
Ik was er kapot van. Niet alleen dat iemand mij bestolen heeft, maar juist waaraan wij hart en ziel hebben gewerkt. Twee maanden lang heb ik met de droogte van het voorjaar iedere dag lopen sproeien om deze boompjes in leven te houden en te laten wortelen.
Grote kans dat diegene die ze heeft meegenomen straks met twee dooie boompjes zit. Je kunt bomen in deze tijd niet verplanten. Zeker niet als je ze zo uit de grond rukt.


Toen we de container wilde openen, merkten we dat het slot stuk was. Het was nog wel dicht, maar toen we het cirkelslot met de sleutel openden, brak de cilinder eruit. Blijkbaar heeft iemand geprobeerd het slot te forceren. Dat is al de tweede keer. Het slot was amper een maand oud!
De vorige keer hebben ze de container wel open gekregen, maar niets meegenomen. NEE, WIJ HEBBEN NIETS VAN WAARDE IN DE CONTAINER ZITTEN!
Maar nu ze mijn boompjes meenemen, voel ik mij ziek van walging.

We hebben nog foto's teruggezocht van de beide boompjes. Met enig zoeken vonden we nog wel een paar foto's waarop je de boompjes kunt uitvergroten. Het helpt natuurlijk niet, maar we beelden ze toch af. Als in memoriam ....


Ik verwacht niet dat deze dief of dieven mijn blog lezen, maar als het zo mocht zijn, dan richt ik mij graag tot hem of haar.

Beste gast van het Paradijsvogelbosje. Ik heb maandenlang met hart en ziel gewerkt om iets van een landschap en tuin uit de grond te krijgen.
Je hebt mijn ziel weggenomen. Gestolen. Je hebt geen dure boom buit gemaakt. Wij hebben geen dure bomen. Wij hebben helemaal geen dure spullen. Niets dat jij wilt stelen.
Grote kans dat de bomen het niet overleven. Je kunt in juni geen bomen verplanten.
Wij maken een landschap, dat grotendeels publiek toegankelijk wordt. Hoe kan je daar bomen wegnemen? Je steelt van de gemeenschap waartoe ze zelf ook behoort.
Laat in godsnaam toe dat mensen een landschap en een tuin opbouwen, zonder dat het door jou of anderen wordt kapot gemaakt.
Wel, ik zal dat stukje van mijn hart en ziel wel nooit meer onder ogen krijgen.

Maar als je vrouw voor haar verjaardag een boompje krijgt, of je vader morgen een Hibiscusboompje of een Perzikboompje voor vaderdag krijgt, dan is het wel mogelijk dat ze het boompje te leen hebben van het Paradijsvogelbosje.


Maandag en dinsdag gaan we praten met de veiligheidsambtenaar en de wijkagent over veiligheid in Oosterwold. Daar kan ik naar toe als ervaringsdeskundige. Het is niet anders.

In april zijn de bomen voor de oprit gekapt. Deze week is de aansluiting tussen de Paradijsvogelweg en de Frederik van Eedenweg (eindelijk) klaar gemaakt. Toen werd het tijd om ook ons klusje maar eens af te maken. De stammen die hier nog naast de rijplaten liggen, vormen inmiddels de begrenzing van de kavelweg. Er kwamen echter ook twee schijven vrij onder uit de boom. Schijven van zo'n 10 centimeter dik. Ideaal voor een (bijzet) tafeltje, dachten wij.

Dus als het mooi weer was, de planten gesproeid of beregend, schuurde ik aan deze schijven uit de boom. Inmiddels is de schijf glad en in de olie gezet. Ik heb daarbij de jaarringen kunnen tellen. De boom was bij de kap zo'n 33 jaar oud. In de kwekerij begon ie dus in 1982 te groeien (dit jaar heeft ie nog geen jaarschijf gemaakt. Een boom dus die een fors deel van de geschiedenis van Almere heeft meegemaakt. Ik heb geprobeerd op te zoeken wanneer de bomen aan de Paradijsvogelweg zijn geplant, maar dat kan ik niet vinden. (Ik houd mij aanbevolen als één van de lezers het wel weet!). Als ik het op luchtfoto's bekijk moet het begin jaren negentig zijn geweest. Als dat zo is zijn de iepen meteen met een flinke grootte neergezet (want al zo'n 8 jaar oud).

 

Dit weekend hebben we het tafelblad eindelijk van poten voorzien. Een tuingereedschapssteel van de action werd drie poten.

En het resultaat?

Kijk hieronder maar!

Best geslaagd toch?

De papavers aan het begin van ons talud zijn zo prachtig dat ze voorlopig de kop van onze site vormen:

Overigens zijn ze gezaaid met maanzaad van de toko. Daarom zijn ze niet rood als wilde papavers. Maar ik vind ze mooi!

Gisteren zag ik al op afstand dat er wat stond te gebeuren bij onze kavel. Onaangekondigd - we zouden in overleg de werkzaamheden plannen, maar dat was blijkbaar niet gelukt - waren werkmensen van Knipscheer bezig om de grond te egaliseren voor de aanleg van de afslag van de Paradijsvogelweg naar onze Frederik van Eedenweg. De eerste twaalf meter vanaf het asfalt van de Paradijsvogelweg loopt namelijk over rijksgrond, en dus niet over onze kavelgrond, en de gemeente Almere neemt de taak op zich om over die strook de afslag aan te leggen.

Volgens zeggen van de werkmensen (ik was er nog niet bij) hebben ze de grond tot een meter diep weggegraven en vervangen door een leemachtig zand. Gelukkig kon ik wel met de werkmensen afstemmen over de ligging van de afslag, want zij deden dat op het oog, en het paaltje dat de hoek van onze kavel markeerde hadden ze al weggehaald. Er zit een kleine knik in de richting van de weg, op de overgang tussen de strook rijksgrond en onze kavel. De afslag loopt namelijk loodrecht op de Paradijsvogelweg, en onze weg loopt parallel aan het Staatsbosbeheerbosje. En dat bosje staat dus niet loodrecht op de weg. Ik denk dat we de juiste ligging wel hebben weten te vinden en dat we onze kavelgrens kunnen reconstrueren.

De afslag is gemaakt met betonnen platen, die ongeveer 1500 kilo per stuk wegen. Het is haast onvoorstelbaar, dat de shovel die met een speciale vacuümpomp vastzuigt en dan kan optillen en verplaatsen. Met wat passen en meten zijn alle platen op zijn plek gekomen. De laatste plaat steekt bijna een meter over op onze kavelgrond (en op die van de boer, waar onze buren over een half jaar beginnen met bouwen). Blijkbaar kwamen anders de afmetingen niet uit. Volgens de mensen van Knipscheer was dat geen probleem. Als dat ook voor de gemeente geldt, dan lijkt ons prima.

Het ziet er zeer robuust uit. Heerlijk dat we nu echt een afslag hebben. Morgen schuiven ze nog het restant puingranulaat aan op onze weg. Als de rijplaten weg gaan en de bergen zand zijn opgeruimd zie het er echt uit als een weg. Zeker met het straatnaambordje erbij.

Nu maar hopen dat die afslag even onverzettelijk blijft liggen als er over een paar weken een vrachtauto met heipalen overheen rijdt. 

Vanmiddag zijn we op de akker geweest, waarbij we opnieuw een aantal planten aan ons bosje hebben toegevoegd. Het was nog steeds droog, dus daarom moesten de planten snel de grond in. We hebben al zo vaak meegemaakt dat buitenradar zei dat er regen kwam, terwijl het niet kwam.... waarom zou het nu anders zijn.

Daarom komen we wat laat aan bij de picknick. We maken een staartje mee. Want.... het gaat zowaar regenen, en donkere luchten kondigen dat aan. Wel zien we vol bewondering dat de bouw bij de Tureluurweg snel vordert. Wat zijn sommige gebouwen groot! We zijn blij dat wij deze zomer ook met de bouw gaan starten.

Op de Emile Durkheimweg, maakt Marien twee panorama's van beide zijden van de weg:

 

En als we naar huis gaan (voor het eerst op de fiets in Oosterwold) laten we ons natregenen. We hopen dat het aan de Frederik van Eedenweg ook heeft geregend. En hoewel beduidend minder dan bij de Emile Durkheimweg en in Almere Stad, gaat bij ons de teller in de loop van de middag ook lopen. Rond 16 uur stopt het regenen en zijn we op de 2 mm. De score voor de laatste anderhalve maand gaat van een onvoorstelbare 4 mm regen naar 6 mm regen.

Zelden hebben druppels op het dak van de schuur zo lekker geklonken!

Weer terug bij het Paradijsvogelbosje hoeven we geen water te geven en kunnen we ons met muziek bezig houden. Van Wilma kregen we vorige week een windgong om de reeën door onverwachte bewegingen en geluiden op afstand te houden en vreten aan de bouwen minder interessant te maken. Op dat idee borduren we verder en hangen de tuin vol met windgongen. Deels zijn het eerder ingevulde kunstprojecten, deels herbruiken we materialen van eerdere projecten in een nieuwe vorm.

Waar vandaan je de kavel nu ook nadert: er zal muziek zijn! Kom je ze zoeken/bekijken/beluisteren?

 

 

 

   
   
   

 

En de natuur is onvoorstelbaar. Moet je kijken hoe onze sloot eruit ziet! Het is onmiskenbaar dat er nu toch echt dingen opkomen die wij hebben gezaaid.

 

Oosterwold groeit snel. Er is in de afgelopen maanden door initiatiefnemers en team Oosterwold hard gewerkt aan nieuwe overeenkomsten. Inmiddels zijn 150 anterieure overeenkomsten getekend. Hoe dat er op de kaart uitziet? Ik heb er een filmpje van gemaakt. Ik ben onder de indruk van zoveel kracht om onze omgeving zelf vorm te geven.

 

 

Subcategorieën

primi sui motori con e-max.it